Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Ter zitting heeft betrokkene verzocht om rekening te houden met het feit dat haar kleindochter haar rijbewijs ten tijde van de gedraging een paar weken in bezit had.
De zittingsvertegenwoordiger verzoekt wel het boetebedrag te matigen met 25% omdat de redelijke termijn is overschreden. De zittingsvertegenwoordiger verzoekt het beroep voor het overige ongegrond te verklaren.