ECLI:NL:RBZWB:2026:1648
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen herziening en terugvordering WIA-uitkering wegens niet gemelde PGB-inkomsten
Eiseres ontving sinds 2019 een WIA-uitkering en vanaf september 2022 tevens een vergoeding uit een persoonsgebonden budget (PGB) voor mantelzorg aan haar moeder. Het UWV herzag de WIA-uitkering en vorderde onverschuldigd betaalde bedragen terug omdat eiseres de PGB-inkomsten niet had gemeld. Eiseres voerde aan dat de inkomsten deels aan haar vader en zus toekwamen en dat het UWV de terugvordering verkeerd had berekend.
De rechtbank oordeelt dat het UWV de inkomsten uit het PGB terecht volledig aan eiseres heeft toegerekend, omdat alleen zij als zorgverlener in de zorgovereenkomsten staat vermeld. Betalingen aan haar vader en zus zijn niet aantoonbaar gerelateerd aan zorgwerkzaamheden. Eiseres heeft haar inlichtingenplicht geschonden door de inkomsten niet te melden.
Een beroep op dringende redenen om (gedeeltelijk) van terugvordering af te zien wordt afgewezen, mede omdat eiseres dubbele inkomsten had en een deel van het PGB spaarde. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, wijst het griffierecht af en kent geen proceskostenvergoeding toe.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat het UWV de WIA-uitkering terecht heeft herzien en teruggevorderd.