Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:1692

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
3 maart 2026
Publicatiedatum
12 maart 2026
Zaaknummer
11601542 MB VERZ 25-447
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 11 WahvArt. 6:7 AwbArt. 6:11 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen verkeersboete wegens te laat ingesteld beroep ongegrond verklaard

Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het langer dan toegestaan plaatsen van een caravan of aanhangwagen op een aangewezen weg. Betrokkene stelde in beroep dat hij geen caravan had en dat de aanhangwagens een eigen kenteken hadden, mogelijk was er sprake van een fout.

De officier van justitie verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat het te laat was ingediend. De kantonrechter stelde de zekerheidstelling wegens proceseconomische redenen op nihil, maar oordeelde dat betrokkene niet aannemelijk had gemaakt dat het te late beroep niet aan hem kon worden toegerekend.

Daarom werd het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring ongegrond verklaard. De kantonrechter hoefde daardoor niet te oordelen over de rechtmatigheid van de boete zelf.

De uitspraak werd gedaan op 3 maart 2026 door kantonrechter M.A.V. van Aardenne. Betrokkene kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden onder voorwaarden.

Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het te laat ingestelde beroep tegen de verkeersboete is ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Breda
zaaknummer : 11601542 \ MB VERZ 25-447
CJIB-nummer : 1062 5422 6197 2896
uitspraakdatum : 3 maart 2026
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 3 maart 2026. Namens de officier van justitie is verschenen mr. R. Baltus (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: op een aangewezen weg een caravan kampeer/aanhangwagen e.d. plaatsen of hebben langer dan de vastgestelde termijn op de Bolderik te Terheijden op 19 oktober 2023 om 15:44 uur.
Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de gedraging niet is verricht. Betrokkene stelt geen caravan te hebben gehad. Betrokkene heeft wel aanhangwagens gehad, maar die hebben allemaal een eigen kenteken. Mogelijk berust het op een fout.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht de zekerheidstelling wegens proceseconomische redenen op nihil te stellen en het beroep ongegrond te verklaren, omdat het beroep bij de officier van justitie niet tijdig is ingesteld en die termijnoverschrijding ook niet verschoonbaar is.
Betrokkene heeft over de zekerheidstelling en het al dan niet te laat instellen van beroep geen reden aangevoerd.

Overwegingen

Zekerheidstelling
Op grond van artikel 11 Wahv Pro moet de indiener van een beroepschrift eerst een bedrag aan zekerheidstelling betalen voordat het beroep in behandeling kan worden genomen. Betrokkene heeft deze zekerheidstelling van € 109,- niet betaald.
De kantonrechter ziet wegens proceseconomische redenen aanleiding om de zekerheid op nihil te stellen en betrokkene op dit punt het voordeel van de twijfel te geven. De te betalen zekerheid wordt daarom op nihil gesteld.
Termijnoverschrijding
De officier van justitie heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat het te laat is ingesteld.
De kantonrechter overweegt als volgt. Voor het instellen van beroep bij de officier van justitie geldt op grond van artikel 6:7 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) een termijn van zes weken. Die termijn eindigde in dit geval op 19 februari 2023. De officier van justitie heeft het beroepschrift echter pas op 18 januari 2024 ontvangen. Dat is te laat.
Artikel 6:11 van Pro de Awb bepaalt - kort gezegd - dat een te laat ingesteld beroep tóch ontvankelijk kan zijn, wanneer het de betrokkene niet kan worden toegerekend dat te laat beroep is ingesteld. De kantonrechter is van oordeel dat betrokkene niet aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van bijzondere omstandigheden waardoor het te laat beroep instellen niet aan betrokkene kan worden toegerekend.
De officier van justitie heeft het beroep dus terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep tegen die beslissing is dan ook ongegrond. Dit betekent dat de kantonrechter niet toekomt aan de beoordeling of de boete terecht is opgelegd.

Beslissing

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.A.V. van Aardenne, kantonrechter, bijgestaan door de griffier E. Alekperov, en in het openbaar uitgesproken op 3 maart 2026.
Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 90008, 4800 PA Breda. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum verzending: