Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het rijden op het fietspad op de Nieuwlandstraat te Tilburg op 6 april 2023. Hij stelde dat hij recht had op een ontheffing vanwege zijn bedrijf, die door een fout van de gemeente niet correct was verlengd. Tevens voerde hij overschrijding van de redelijke termijn aan en vroeg om matiging van de boete en een proceskostenvergoeding.
De kantonrechter oordeelde dat uit de verklaring van de verbalisant voldoende blijkt dat de overtreding is begaan. De boete is daarom terecht opgelegd. Wel achtte de kantonrechter de aangevoerde omstandigheden, waaronder het vertrouwensbeginsel en de complexiteit van de verkeerssituatie, reden om de boete te matigen tot nihil.
Daarnaast werd het teveel betaalde bedrag aan zekerheidstelling terugbetaald en werd een proceskostenvergoeding van €467 toegekend. De beslissing van de officier van justitie werd daarmee gewijzigd en het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep is gedeeltelijk gegrond verklaard, de boete is gematigd tot nihil en een proceskostenvergoeding is toegekend.