Eiseres ontving sinds 2010 een bijstandsuitkering, die door Orionis Walcheren werd beëindigd en ingetrokken vanwege het niet melden van verblijf in het buitenland en ontvangen stortingen. Uit onderzoek bleek dat eiseres veelvuldig buiten haar opgegeven hoofdverblijf verbleef en onvoldoende informatie verstrekte, wat leidde tot het besluit tot beëindiging per 1 april 2025 en terugvordering van € 50.988,72.
Eiseres voerde aan dat haar hoofdverblijf wel degelijk in haar woning was en dat zij psychisch ernstig is getroffen door de terugvordering, met verwijzing naar een psychiatrische behandeling. De rechtbank stelt vast dat Orionis terecht de uitkering heeft beëindigd en ingetrokken vanwege schending van de inlichtingenplicht en onvoldoende bewijs van hoofdverblijf in de opgegeven woning.
Ten aanzien van de terugvordering oordeelt de rechtbank dat Orionis onvoldoende rekening heeft gehouden met de ernstige psychische gevolgen voor eiseres, wat een motiveringsgebrek oplevert. Orionis krijgt daarom de gelegenheid dit te herstellen via een bestuurlijke lus. De rechtbank houdt verdere beslissingen aan tot de einduitspraak.