ECLI:NL:RBZWB:2026:2276
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht in belastingzaak
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen een beslissing van de inspecteur van de Belastingdienst van 31 oktober 2025. De rechtbank ontving het beroep op 12 december 2025. De rechtbank beoordeelt het beroep zonder zitting omdat het kennelijk niet-ontvankelijk is wegens het niet betalen van het griffierecht.
Volgens artikel 8:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht moet het griffierecht van €53,- binnen een gestelde termijn worden betaald. De griffier heeft belanghebbende hierop gewezen bij brief van 13 december 2025 en nogmaals bij aangetekende brief van 12 januari 2026, die op 14 januari 2026 is ontvangen. Desondanks heeft belanghebbende het griffierecht niet betaald.
Belanghebbende heeft geen verontschuldiging gegeven voor het niet betalen. De rechtbank concludeert daarom dat het beroep niet-ontvankelijk is en beoordeelt het beroep niet inhoudelijk. Het bestreden besluit blijft daarmee in stand. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht, waardoor het bestreden besluit in stand blijft.