Eiser heeft beroep ingesteld tegen het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Terneuzen omdat het college niet tijdig heeft beslist op zijn bezwaar tegen het besluit van 6 maart 2025, waarin een persoonsgebonden budget op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) werd toegekend.
De rechtbank stelt vast dat het college de beslistermijn heeft overschreden ondanks ingebrekestellingen van eiser op 25 augustus 2025 en een tweede herinnering op 8 september 2025. Het beroep is daarom kennelijk gegrond. Het college heeft aangegeven dat de vertraging is veroorzaakt door een groot aantal lopende zaken en verwacht uiterlijk 1 juni 2026 een besluit te nemen.
De rechtbank bepaalt dat het college binnen twee weken na de uitspraak een besluit moet nemen, maar acht in dit geval een langere termijn tot 1 juni 2026 redelijk vanwege het belang van zorgvuldige besluitvorming. Tevens legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €15.000 voor elke dag dat het college de termijn overschrijdt. Het college moet ook het griffierecht van €54 aan eiser vergoeden.