ECLI:NL:RBZWB:2026:260
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag specifieke uitkering stimulering sport wegens overschrijding aanvraagtermijn
De gemeente Schouwen-Duiveland diende op 9 mei 2024 een aanvraag in voor een specifieke uitkering stimulering sport 2024, terwijl de Regeling SPUK een indieningstermijn van 1 tot en met 30 april 2024 voorschrijft. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens overschrijding van deze termijn. De gemeente stelde beroep in tegen deze afwijzing en voerde aan dat de termijn van 30 april niet duidelijk was, dat de aanvraag tijdig was binnen 30 dagen na 15 april, en dat toepassing van de hardheidsclausule en het evenredigheidsbeginsel gerechtvaardigd was.
De rechtbank oordeelde dat de regeling een duidelijke indieningstermijn bevatte en dat de aanvraag te laat was ingediend. De hardheidsclausule kon niet worden toegepast omdat de gemeente zelf verantwoordelijk was voor tijdige indiening en voldoende was geïnformeerd. Ook was er geen sprake van disproportionaliteit of onbillijkheid van overwegende aard. De rechtbank stelde vast dat de staatssecretaris een zorgvuldige belangenafweging had gemaakt en dat het besluit passend en noodzakelijk was voor een werkbare uitvoering van de regeling.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en dat het bestreden besluit stand houdt. De gemeente krijgt geen proceskostenvergoeding en het griffierecht wordt niet vergoed. De uitspraak is gedaan door rechter A.M.L.E. Ides Peeters op 23 januari 2026 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de afwijzing van de aanvraag wegens overschrijding van de indieningstermijn.