Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het UWV omdat het niet tijdig heeft beslist op haar aanvraag tot herbeoordeling van de arbeidsongeschiktheid van een ex-werknemer op grond van de Wet WIA. De rechtbank stelt vast dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden en dat eiseres het UWV op 26 september 2025 in gebreke heeft gesteld.
Het UWV gaf aan dat het tekort aan verzekeringsartsen de reden is voor de vertraging, waardoor medisch en arbeidskundig onderzoek nog niet heeft plaatsgevonden. De rechtbank oordeelt dat een termijn van vier maanden redelijk is om een zorgvuldige beslissing mogelijk te maken, en legt het UWV een dwangsom van €100 per dag op met een maximum van €15.000 voor verdere overschrijding.
Daarnaast moet het UWV het griffierecht en proceskosten van eiseres vergoeden. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt op 22 januari 2026. Partijen kunnen binnen zes weken verzet instellen tegen deze uitspraak.