Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het UWV omdat het niet tijdig heeft beslist op haar bezwaar tegen de afwijzing van een WIA-uitkering. De rechtbank stelt vast dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden en dat eiseres het UWV op 21 mei 2025 in gebreke heeft gesteld.
De rechtbank bepaalt dat het UWV binnen vier maanden na verzending van de uitspraak alsnog een besluit moet nemen, waarbij rekening is gehouden met het tekort aan verzekeringsartsen en het belang van zorgvuldige besluitvorming. Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van € 100,- per dag op, met een maximum van € 15.000,-, voor elke dag dat het UWV de termijn overschrijdt.
Omdat het beroep gegrond is verklaard, moet het UWV het griffierecht van € 53,- en proceskosten van € 467,- aan eiseres vergoeden. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 23 januari 2026.