Uitspraak
1.[verzoeker 1] ,
2. [verzoeker 2],
1.De procedure
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
4.De beoordeling
op vorderingvan een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon. Een vordering tot een verklaring voor recht dient daarom in beginsel ingesteld te worden in een procedure bij de rechtbank door middel van een dagvaarding. Weliswaar bestaan hierop specifieke uitzonderingen, zoals de situatie waarin naast vernietiging ingevolge artikel 2:15 jo Pro. 5:130 van het Burgerlijk Wetboek (BW) tevens de “nietigverklaring” van dat besluit wordt verzocht. In dat geval beoordeelt de kantonrechter niet alleen de vernietigbaarheid maar ook de nietigheid van dat besluit (Hoge Raad 10 juli 2020, ECLI:NL:HR:2020:1275) en is hij ook bevoegd voor recht te verklaren dat het betreffende besluit nietig is. Van een dergelijke uitzondering is hier echter geen sprake.