ECLI:NL:RBZWB:2026:4686
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens ontbreken bezwaarprocedure ongegrond verklaard
Deze uitspraak betreft het verzet van opposant tegen de uitspraak van de rechtbank van 4 november 2025, waarin het beroep van opposant niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het niet volgen van de verplichte bezwaarprocedure. Opposant had na het indienen van het beroepschrift alsnog een bezwaarschrift ingediend, maar dit kwam te laat om de ontvankelijkheid van het beroep te herstellen.
De rechtbank beoordeelt uitsluitend of het eerdere oordeel over de niet-ontvankelijkheid terecht was, op basis van de gronden van het verzet. Opposant stelde dat de rechtbank onvoldoende empathie toonde en onvoldoende rekening hield met het ingediende bewijs en inhoudelijke gronden, maar gaf geen reden waarom de bezwaarprocedure kon worden overgeslagen.
De rechtbank concludeert dat het verzet ongegrond is omdat het niet aannemelijk is gemaakt dat de bezwaarprocedure niet gevolgd hoefde te worden. Het verzet kan zich bovendien alleen richten op de niet-ontvankelijkverklaring en niet op de inhoudelijke behandeling van de zaak. De uitspraak van 4 november 2025 blijft daarmee in stand en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak blijft in stand.