Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 26 juni 2026 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres,
Dienst Toeslagen, verweerder.
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
.Omdat het bezwaarschrift na deze zes weken is ontvangen, dient de beslistermijn berekend te worden vanaf de dag na die waarop het bezwaarschrift is ontvangen. [3] Verweerder heeft de termijn verlengd met zes weken. Verweerder had dus uiterlijk op 11 maart 2026 moeten beslissen. De termijn waarbinnen verweerder moet beslissen is inmiddels voorbij. Eiseres heeft verweerder op 12 maart 2026 in gebreke gesteld en sindsdien zijn twee weken voorbij gegaan.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het, met een besluit gelijk te stellen, niet tijdig nemen van een besluit;
- draagt verweerder op uiterlijk 5 mei 2027 alsnog een besluit op bezwaar bekend te maken;
- bepaalt dat verweerder het griffierecht van € 54,- aan eiseres moet vergoeden;
- veroordeelt verweerder tot betaling van € 467,- aan proceskosten aan eiseres.