ECLI:NL:RBZWB:2026:718
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep na ontbinding rechtspersoon zonder gemachtigde vereffenaar
Eiseres, een besloten vennootschap, was op 20 december 2024 ontbonden wegens het ontbreken van baten. Op 28 juli 2025 stelde eiseres beroep in tegen een naheffingsaanslag van de Belastingdienst. De rechtbank oordeelt dat een ontbonden rechtspersoon zelf geen rechtsmiddelen kan aanwenden, tenzij het beroep wordt ingesteld door of namens de voormalige vereffenaar.
In deze zaak is niet gesteld of gebleken dat degene die het beroep heeft ingesteld tevens namens de voormalige vereffenaar handelde. De rechtbank is ook niet bekend met de identiteit van de voormalige vereffenaar. Hierdoor is niet aannemelijk geworden dat het beroep door een daartoe gerechtigde is ingesteld.
De rechtbank verwijst naar jurisprudentie van de Hoge Raad waarin is bepaald dat de termijn voor bezwaar begint te lopen na heropening van de vereffening. Hoewel de aanslag werd opgelegd toen eiseres nog bestond, is het beroep na ontbinding ingesteld, waardoor het beroep niet-ontvankelijk is.
De rechtbank beoordeelt de zaak niet inhoudelijk, verklaart het beroep niet-ontvankelijk en wijst terugbetaling van griffierecht en proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep van de ontbonden rechtspersoon is niet-ontvankelijk verklaard omdat niet is aangetoond dat het is ingesteld door of namens de voormalige vereffenaar.