Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
[medeverdachte 5]gekoppeld met daarbij de e-mailadressen: [e-mailadres 2] en [e-mailadres 3] . Deze e-mailadressen waren ook gekoppeld aan Marktplaatsadvertenties, waarmee betaallinks werden gecreëerd. Daarnaast is er door aangeefster [aangeefster 1] een rechtstreekse betaling gedaan op de rekening van [medeverdachte 5] van € 17.469,-. Van het totaalbedrag van € 248.419,- werd in 32 betalingen een bedrag van € 185.610,- doorgeboekt naar het rekeningnummer [rekeningnummer 3] op naam van
[verdachte]en 13 betalingen met een totaalbedrag van € 46.150,- doorgeboekt naar [rekeningnummer 4] op naam van [bedrijf] . Aan dit rekeningnummer zijn de persoonsgegevens van [verdachte] gekoppeld, met daarbij de e-mailadressen: [e-mailadres 4] en [e-mailadres 5] . Het e-mailadres [e-mailadres 4] dat aan [bedrijf] is gekoppeld, is gelinkt aan Marktplaatsadvertenties, waarmee betaallinks zijn gecreëerd. Het telefoonnummer [telefoonnummer 2] dat aan dit e-mailadres is gekoppeld, blijkt te kunnen worden toegeschreven aan
[medeverdachte 4] .
[medeverdachte 2] .
[medeverdachte 1] .[medeverdachte 1] was op dat moment de partner van [medeverdachte 2] . Ook de stem van [medeverdachte 2] wordt hierop herkend, terwijl hij zich voordoet als bankmedewerker onder de naam “ [alias 1] ”.
[medeverdachte 3].
[medeverdachte 6] .
- [telefoonnummer 6]
- [telefoonnummer 7]
- [telefoonnummer 8]
- [telefoonnummer 9]
- [telefoonnummer 10]
- [telefoonnummer 12]
- [telefoonnummer 17]
- [telefoonnummer 18]
- [telefoonnummer 19]
- [telefoonnummer 23]
- [telefoonnummer 26]
- [telefoonnummer 27]
- [telefoonnummer 29]
- [telefoonnummer 32]
- [telefoonnummer 5]
- [telefoonnummer 8]
- [telefoonnummer 12]
- [telefoonnummer 13]
- [telefoonnummer 14]
- [telefoonnummer 15]
- [e-mailadres 10]
- [e-mailadres 11]
chatgesprek tussen [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , p. 1749
- [e-mailadres 7]
- [e-mailadres 6]
- [e-mailadres 11]
- [e-mailadres 17]
- [e-mailadres 8]
- [e-mailadres 1]
- [e-mailadres 18]
- [e-mailadres 19]
en
T.a.v. [medeverdachte 1]
T.a.v. [medeverdachte 2]
T.a.v. [medeverdachte 3]
uitsluitenddoor [medeverdachte 2] is gebruikt. Aangeefster [aangever 2] (zaaknummer 102) heeft namelijk verklaard dat zij met zowel “ [alias 1] ” als met “ [alias 2] ” heeft gesproken en voor de rechtbank is onduidelijk of dit dezelfde persoon betreft. Ook is de alias een enkele keer door [medeverdachte 1] gebruikt. De rechtbank zal daarom enkel tot een bewezenverklaring komen indien er naast het noemen van de alias [alias 2] nog andere bewijsmiddelen in het dossier aanwezig zijn, waaruit betrokkenheid van [medeverdachte 2] bij de betreffende aangifte blijkt.
- Op de iPhone11 van [medeverdachte 3] is een foto van het identiteitsbewijs van aangever [aangever 7] van 19 december 2022 20:36:02 uur aangetroffen. Deze aangever heeft verklaard dat zij op 19 december 2022 rond 20.30 uur is opgelicht. Zij was gebeld door een man en vrouw die zich voordeden als bankmedewerkers van ING.
- Uit een op 20 december 2022 gevoerd chatgesprek tussen [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] blijkt dat [medeverdachte 2] onder de alias [alias 1] een oplichtingsgesprek voert en hij [medeverdachte 3] instructies geeft om dit gesprek aan hem door te verbinden.
- In chatgesprekken tussen [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] wordt meerdere keren gesproken over [medeverdachte 3] ( [medeverdachte 3] ), waarbij het onder andere gaat over het voeren van oplichtingsgesprekken. Zo voeren [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] op 28 juni 2022 een chatgesprek over het meeluisteren met een oplichtingsgesprek. [medeverdachte 1] stuurt daarin: ‘
- Op 5 juli 2022 probeert [medeverdachte 1] een belscript te maken maar [medeverdachte 2] vindt dat niet goed. Hij zegt tegen haar ‘
- Op 16 september 2022 vraagt [medeverdachte 1] aan [medeverdachte 2] hoe het bij [medeverdachte 3] gaat. [medeverdachte 2] antwoordt daarop met ‘
- Op 17 november 2022 vraagt [medeverdachte 1] aan [medeverdachte 2] ‘
- “Zorg dat jullie klaarstaan (…) Blijf daar. Blijf Heerhugowaard. Tot ik je zag als je moet bewegen. We zijn daar nu op bezig. Heb je QR ontvangen? Je moet race (…) Die man wordt wantrouwig. Die vis. Zie die bestelling is opgehaald. Heerhugowaard staat ook op jouw naam. (…) Blijf appen met me” en
- “Doe je kankercapuchon af en haal je foto weg. Er staat popo voor MediaMarkt”
- “1 deze dagen lekkere doekoe. (…) Heb zelf ook gedaan. (…) Ik ging proefkonijn. (…) “Fiks allemaal mensen die willen”
- “Pak 150 voor jezelf en geeft Turk 150. En bewaar de rest. (…) “Geef het door even aan [alias 13] ”
- “Ik stuur jou met hun omdat ik je kan vertrouwen”
- “Ik betaal jou wat hij hem geeft”
- “100 K vandaag; gisteren 35 K”
Het juridisch kader
Het oordeel van de rechtbank
- zaak 72;
- zaak 124;
- zaak 136;
- zaak 138.
Ik heb een organisatie die abn ophaaalt. 10k altijd gegarandeerd. Alleen ze betalen 33 p uit’en ‘
Broer, die bestelling is kanker heet. Bij reclassering hebben ze gezegd: we weten dat je dit en dat hebt gedaan. Maarja squid games, we hebben genoeg spelers. [naam 2] . Hij kan geofferd worden. Geen probleem’. Vanaf januari 2022 werden er bijna dagelijks/wekelijks aangiftes gedaan van bankhelpdeskfraude gepleegd door [alias 1] , [alias 2] , mevrouw [alias 3] en de heer [alias 4] . In totaal werden er 306 aangiftes gevonden. De aangiftes zijn gestopt na hun aanhouding.
en/ofABN AMRO Bank
en/ofING bank, te weten
deslachtoffers genoemd in bijlage 1 heeft bewogen tot afgifte van
(e)geldbedrag(en) en/of de (digitale) gegevens van de (internet)bankrekening(en) en/of inloggegevens van deze bankrekening(en),
(en)worden
en/of
en/ofABN AMRO Bank
en/ofING bank, e-mails en/of een whatsappbericht naar voornoemde personen stuurt waarin een link staat en dat deze e-mails moeten worden geopend en/of voornoemde personen zijn/haar bankapplicatie dienen te openen
en/of
13 december 2022tot en met
3 april 2023in Nederland en/of Dubai (Verenigde Arabische Emiraten), heeft deelgenomen aan een organisatie
,
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De vorderingen van de benadeelde partijen
8.De vordering tenuitvoerlegging
9.De wettelijke voorschriften
10.Beslissing
een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
* dat verdachte zich laat behandelen door een FACT team zoals het ForFACT Oostvaarders of FACT De Wier of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling start zodra beschikbaar en is gericht op gokverslaving, coping vaardigheden en psycho-educatie. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling;
* dat verdachte zich inspant voor het vinden en behouden van een passende dagbesteding. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag;
* dat verdachte meewerkt aan het aflossen van zijn schulden en het treffen van afbetalingsregelingen, ook als dit inhoudt meewerken aan schuldhulpverlening in het kader van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen en huidige bewindvoering. Verdachte geeft de reclassering inzicht in zijn financiën en schulden;
kolom F en kolom Hvan bijlage III genoemde bedragen aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente voor wat betreft de bedragen in
kolom Fvanaf de data zoals genoemd in
kolom Svan bijlage III tot aan de dag der algehele voldoening en voor wat betreft de bedragen in
kolom Hvanaf de datum van dit vonnis tot aan de dag der algehele voldoening;
veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partijen tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot nu toe begroot op nihil;
kolom Jvan bijlage III, en bepaalt dat de vordering voor dat gedeelte bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;
kolom Tvan bijlage III, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf de data zoals genoemd in
kolom Svan bijlage III tot aan de dag der algehele voldoening;
bepaalt dat bij niet betaling gijzeling kan worden toegepast voor de duur van het aantal dagen zoals ten aanzien van elke vordering in
kolom Uvan bijlage III vermeld, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
ten uitvoer zal worden gelegd, te weten
3 maanden gevangenisstraf;
1.1. Medeplegen oplichting
31 juli 2021 tot en met 1 augustus 2023 te Arnhem en/of Velp, althans in Nederland en/of Dubai (Verenigde Arabische Emiraten),