ECLI:NL:RBZWB:2026:95
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke toewijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep parkeerbelasting
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting, maar dit beroep ingetrokken nadat de heffingsambtenaar de aanslag heeft vernietigd. Bij intrekking verzocht belanghebbende om vergoeding van proceskosten, waaronder kosten voor een uittreksel uit de Kamer van Koophandel en postzegels.
De rechtbank heeft de heffingsambtenaar in de gelegenheid gesteld te reageren. De heffingsambtenaar heeft reeds een bedrag van € 60,00 aan belanghebbende vergoed, bestaande uit griffierecht en kosten voor het uittreksel. De postzegelkosten werden niet vergoed omdat deze niet onder proceskosten vallen.
De rechtbank oordeelt dat alleen kosten die onder het Besluit proceskosten bestuursrecht vallen, vergoed kunnen worden. Portokosten vallen hier niet onder, wel het uittreksel uit de Kamer van Koophandel. Daarom wijst de rechtbank het verzoek gedeeltelijk toe en veroordeelt de heffingsambtenaar tot vergoeding van € 9,00 voor het uittreksel. Het griffierecht valt niet onder proceskosten en moet rechtstreeks bij de heffingsambtenaar worden gevorderd.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 12 januari 2026 door rechter S.J. Willems-Ruesink.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek om proceskostenvergoeding gedeeltelijk toe en veroordeelt de heffingsambtenaar tot betaling van € 9,00 voor het uittreksel uit de Kamer van Koophandel.