ECLI:NL:RBZWO:2000:AA9549
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C. Moorman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging terugvorderingsbesluit wegens onterecht aangenomen intrekking aanvraag bijstand
Eiser diende op 8 juni 1999 een schriftelijke aanvraag om bijstand in bij de gemeente Almere. Verweerder stelde dat eiser deze aanvraag telefonisch had ingetrokken, wat werd bevestigd in een brief van 16 november 1999. Op basis van deze vermeende intrekking vorderde verweerder voorschotten terug die aan eiser waren verstrekt.
Eiser betwistte de intrekking en stelde dat hij recht had op bijstand voor juni en juli 1999. De rechtbank oordeelde dat een schriftelijke aanvraag om bijstand alleen als ingetrokken kan worden beschouwd indien de intrekking eveneens schriftelijk is geschied. Een telefonische mededeling die als intrekking werd opgevat, zonder schriftelijke bevestiging en zonder reactie op een intrekkingsverklaring, is onvoldoende om de aanvraag als ingetrokken te beschouwen.
De rechtbank vernietigde het besluit tot terugvordering omdat verweerder zich ten onrechte op het standpunt stelde dat de aanvraag was ingetrokken. De zaak werd terugverwezen voor een nieuw besluit met inachtneming van deze uitspraak. De rechtbank wees het verzoek van eiser om vergoeding van ziektekosten niet toe omdat dit niet onderwerp van het geschil was.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot terugvordering van bijstandsvoorschotten wordt vernietigd omdat de aanvraag niet schriftelijk is ingetrokken.