ECLI:NL:RBZWO:2001:AD9384
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L.E.C. van Rijckevorsel-Besier
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit WAO-uitkering wegens onjuiste ingangsdatum arbeidsongeschiktheid
De zaak betreft een geschil over de toekenning van een WAO-uitkering aan mevrouw C, ex-werkneemster van eiseres, waarbij de kernvraag is of de ingangsdatum van de arbeidsongeschiktheid correct is vastgesteld. Verweerder kende een WAO-uitkering toe met ingang van 5 april 1999, gebaseerd op de eerste ziektedag op 6 april 1998, de eerste dag van het zwangerschapsverlof.
Eiseres betwist deze datum en stelt dat de eerste ziektedag pas na afloop van het bevallingsverlof ligt, namelijk op 27 juli 1998. De rechtbank volgt dit standpunt en oordeelt dat zwangerschap en bevalling niet onder het begrip ziekte vallen zoals bedoeld in artikel 19 van Pro de Ziektewet, waardoor de wachttijd van 52 weken pas na het verlof begint te lopen.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak, waarbij de nieuwe ingangsdatum van de WAO-uitkering niet nadelig mag zijn voor mevrouw C. Tevens veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten en het griffierecht.
De procedure kende ook discussie over de Pemba-procedure en het inzagerecht van medische gegevens, waarbij de rechtbank oordeelt dat de oude werkwijze in dit geval niet tot schending van de belangen van eiseres heeft geleid. Het hoger beroep staat open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met een correcte ingangsdatum van de WAO-uitkering.