ECLI:NL:RBZWO:2004:AO4112
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering medewerking levering onroerende zaak onaanvaardbaar, beroep opschortingsrecht faalt
Tussen partijen is een koopovereenkomst gesloten waarbij De Vrolijkheid B.V. een horecapand aan [A] Beheer B.V. verkocht met een terugkoopbeding onder ontbindende voorwaarde dat levering binnen vier maanden na acceptatie moet plaatsvinden. [A] weigerde mee te werken aan de levering op grond van een opschortingsrecht wegens niet-nakoming door [B] van financiële verplichtingen.
De rechtbank beoordeelde of het beroep op het opschortingsrecht terecht was en of de ontbindende voorwaarde daardoor vervuld werd. Uit de stukken bleek dat [B] haar verplichtingen grotendeels was nagekomen, waaronder betaling van de lening, en dat het beroep van [A] op opschorting disproportioneel was. Ook was sprake van een geringe niet-nakoming die met een bankgarantie kon worden afgedekt.
De rechtbank concludeerde dat het beroep van [A] op opschorting onaanvaardbaar was en dat hij daardoor niet kon stellen dat de ontbindende voorwaarde was vervuld. De vorderingen van [A] werden afgewezen, evenals de reconventionele vordering van [B]. Beide partijen werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van [A] af en oordeelt dat het beroep op opschortingsrecht onaanvaardbaar was, waardoor het terugkooprecht van [B] blijft bestaan.