ECLI:NL:RVS:1999:AA4633
Raad van State
- Hoger beroep
- W.M.G. EekC-de Vries
- J.H.B. van der Meer
- J.H. Grosheide
- Rechtspraak.nl
Vaststelling vergunning en nadere voorschriften voor kleinschalig crematorium aanvaard
De zaak betreft het hoger beroep van een gemeentelijke instantie tegen een uitspraak van de arrondissementsrechtbank Haarlem die de beroepen tegen nadere voorschriften aan een vergunning voor een crematorium gegrond had verklaard. De vergunning werd verleend voor een kleinschalig crematorium op een locatie waar ook een begraafplaats en uitvaartcentrum zijn gevestigd.
De rechtbank oordeelde dat er te veel onduidelijkheid bestond over de definitieve inrichting van het crematorium, met name op milieu- en parkeeraspecten en de nabijheid van een sportcentrum, en dat het besluit daarom in strijd was met het motiveringsbeginsel van artikel 3:2 Awb Pro. De Raad van State stelt echter dat de gemeenteraad een ruime beleidsvrijheid heeft bij de beoordeling van het openbaar belang en dat de belangen van omwonenden en milieuaspecten in andere procedures aan de orde moeten komen.
De Raad van State vindt dat de nadere voorschriften, waaronder beperkingen op het aantal bezoekers en parkeerplaatsen, adequaat zijn om een passende wijze van lijkbezorging te waarborgen. Er is geen bewijs dat de parkeercapaciteit ontoereikend is of dat de activiteiten op het sportcentrum een belemmering vormen. De Raad vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en verklaart de beroepen ongegrond.
Uitkomst: De beroepen tegen de nadere voorschriften aan de vergunning voor het crematorium worden ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.