ECLI:NL:RVS:2000:AA6731
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- B. van Wagtendonk
- F.P. Zwart
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid Minister tot weigering jachtakte na vernietiging primair besluit
Appellant vroeg een jachtakte aan die aanvankelijk door de korpschef van de regiopolitie werd geweigerd. De Minister van Justitie verklaarde het beroep tegen deze weigering gegrond wegens een gebrek in het mandaat van de korpschef en vernietigde het besluit, maar weigerde vervolgens zelf opnieuw de jachtakte te verlenen met toepassing van artikel 7:25 van Pro de Awb.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit nieuwe besluit ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State. Het geschil spitste zich toe op de vraag of de Minister bevoegd was om, na vernietiging van het primaire besluit, een nieuw besluit te nemen dat de jachtakte opnieuw weigerde.
De Raad van State oordeelde dat artikel 15, vierde lid, tweede volzin, van de Jachtwet niet ziet op situaties waarin een administratief beroep gegrond wordt verklaard wegens een mandaatgebrek in het oorspronkelijke besluit. Hierdoor was de Minister bevoegd om zelf een nieuw besluit te nemen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat de Minister bevoegd is om na vernietiging van het primaire besluit een nieuw besluit te nemen dat de jachtakte opnieuw weigert.