ECLI:NL:RVS:2000:AA7463
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- J.H. Grosheide
- J.A.M. van Angeren
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeldigverklaring rijbewijs wegens ontbreken verklaring rijvaardigheid
Appellante had bij de aanvraag van haar rijbewijs in 1998 geen verklaring van rijvaardigheid overgelegd, zoals vereist volgens artikel 34 van Pro het Reglement rijbewijzen. De burgemeester verklaarde daarom het rijbewijs ongeldig op grond van artikel 124 van Pro de Wegenverkeerswet 1994, omdat het kennelijk abusievelijk was afgegeven.
Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit werd ongegrond verklaard. Vervolgens stelde zij beroep in bij de rechtbank, die het beroep eveneens ongegrond verklaarde. Appellante ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het dwingendrechtelijke karakter van artikel 124 WVW Pro 1994 de burgemeester geen ruimte laat voor een belangenafweging. Het feit dat de burgemeester mogelijk onzorgvuldig handelde, doet hieraan niet af. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de ongeldigverklaring van het rijbewijs bevestigd.