ECLI:NL:RVS:2001:AB3093
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- J.A.M. van Angeren
- C. de Gooijer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over administratief beroep tentamenuitslag Universiteit van Amsterdam
Appellant had bezwaar gemaakt tegen de vastgestelde tentamenuitslag van 4 voor een examen afgelegd op 30 maart 1998 aan de Universiteit van Amsterdam. Het College van beroep voor de examens verklaarde het administratief beroep ongegrond. Vervolgens werd het beroep bij de rechtbank Amsterdam eveneens ongegrond verklaard. Appellant stelde in hoger beroep dat het College van beroep niet als een onafhankelijk en onpartijdig gerecht kon worden aangemerkt, waardoor artikel 6 EVRM Pro werd geschonden.
De Raad van State oordeelde dat het College van beroep geen gerecht is in de zin van artikel 6, eerste lid EVRM, maar een onderdeel van het bestuur. Tegen de beslissing van het College kan beroep bij de rechtbank en hoger beroep bij de Afdeling worden ingesteld. De stelling van appellant over het ontbreken van onafhankelijkheid en onpartijdigheid faalt daarom. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Verder werd overwogen dat het College van beroep slechts een beroep gegrond kan verklaren indien de examinator niet redelijk tot zijn oordeel had kunnen komen, en dat de toetsingsmaatstaf van het College niet onjuist is. De door appellant voorgestelde toetsingscriteria voor tentamenvragen behoefden geen ambtshalve toetsing door het College, aangezien appellant hierover geen gronden had aangevoerd in administratief beroep.
De Afdeling ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en verklaart het hoger beroep ongegrond, waarmee de eerdere uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.