ECLI:NL:RVS:2001:AD8424
Raad van State
- Hoger beroep
- C. de Gooijer
- S.W. Schortinghuis
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking voorwaardelijke toevoeging wegens overschrijding financiële draagkracht
Appellante had een voorwaardelijke toevoeging voor rechtsbijstand ontvangen, maar deze werd met terugwerkende kracht ingetrokken door het bureau rechtsbijstandvoorziening vanwege een vermeende overschrijding van de financiële draagkracht volgens de Wet op de rechtsbijstand (Wrb).
Appellante stelde dat haar vermogen niet de grens overschreed omdat een complex van onroerende zaken tegenover het toegekende bedrag stond, en dat de overwaarde van de eigen woning vrijgesteld moest worden volgens het Besluit draagkrachtcriteria rechtsbijstand (Bdr). De Raad van State oordeelde echter dat de woning reeds aan de ex-partner was toebedeeld en dat de overwaardevrijstelling daarom niet van toepassing was.
De Raad van State bevestigde dat het aan appellante toegekende bedrag als haar vermogen moest worden aangemerkt en dat dit de wettelijke grens overschreed. Het beroep van appellante werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank werd met verbeterde gronden bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de voorwaardelijke toevoeging wordt bevestigd omdat het vermogen van appellante de wettelijke grens overschrijdt.