ECLI:NL:RVS:2002:AE2533
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- H.G. Lubberdink
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak inzake minderjarigheid vreemdeling en rechtsgevolgen besluit
Appellant sub 1, een vreemdeling, had een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, die door appellant sub 2, de Staatssecretaris van Justitie, op 19 januari 2002 werd afgewezen. De voorzieningenrechter had dit besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het besluit in stand gelaten en het beroepschrift doorgezonden als bezwaarschrift.
De Raad van State oordeelde dat de voorzieningenrechter ten onrechte onbevoegd was verklaard om kennis te nemen van het beroep tegen een vermeende weigering van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als alleenstaande minderjarige vreemdeling, omdat het bestreden besluit geen dergelijke weigering bevatte. Tevens werd geoordeeld dat het niet zonder nader onderzoek kan worden aangenomen dat de vreemdeling meerderjarig was ten tijde van het besluit, gezien tegenstrijdige geboortedata in eerdere procedures.
De Raad vernietigde het deel van de uitspraak waarin de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand werden gelaten, omdat dit niet gerechtvaardigd was gelet op de onzekerheid over de minderjarigheid van de vreemdeling. De Staatssecretaris werd veroordeeld tot betaling van proceskosten. De zaak werd terugverwezen voor een nieuw besluit met inachtneming van de overwegingen.
Uitkomst: De uitspraak van de voorzieningenrechter wordt deels vernietigd en de Staatssecretaris dient een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen.