ECLI:NL:RVS:2002:AE3980
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.P.H. Donner
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- J.R. Schaafsma
- Rechtspraak.nl
Vergunning natuurpark Mierlo niet vernietigd ondanks geluid- en milieubezwaren
Bij besluit van 18 mei 2001 verleende de gemeente Mierlo een vergunning aan N.V. Regionale Afvalverwijderingsmaatschappij Zuidoost-Brabant voor het oprichten en exploiteren van een natuurpark met diverse dieren en horecavoorzieningen op het perceel Heiderschoor 24 te Mierlo. Tegen dit besluit werd beroep ingesteld door meerdere appellanten, die onder meer geluidhinder, verkeersoverlast en besmettingsgevaar aanvoerden.
De Raad van State heeft het deskundigenbericht van de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening betrokken bij haar beoordeling. De appellanten trokken tijdens de zitting enkele beroepsgronden in. De Raad oordeelde dat de geluidgrenswaarden en piekgeluidnormen, gebaseerd op de Handreiking industrielawaai en het akoestisch onderzoek, redelijk waren vastgesteld en dat onaanvaardbare hinder niet te verwachten was.
Verder werd geoordeeld dat de verkeersprognoses in de vergunningaanvraag voldoende waren en dat de langere openingstijden in de zomermaanden geen aanleiding gaven tot weigering van de vergunning. Ook het vermeende besmettingsgevaar werd niet aannemelijk geacht, mede omdat de regelgeving omtrent dierengezondheid hiervoor primair is. Andere bezwaren, zoals cumulatieve stankhinder en ammoniakdepositie, werden niet als milieu-belangen in de zin van de Wet milieubeheer aangemerkt.
De Raad van State verklaarde de beroepen ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Het bestreden besluit blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De beroepen tegen de vergunning voor het natuurpark worden ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.