ECLI:NL:RVS:2002:AE8274
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- K. Brink
- M. Oosting
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning milieubeheer voor aanleg geluidwal met gevaarlijke afvalstoffen
Gedeputeerde staten van Fryslân verleenden op 16 maart 2001 een vergunning voor het oprichten en in werking hebben van een tijdelijke inrichting voor baggerwerkzaamheden en de aanleg van een geluidwal waarin gevaarlijke afvalstoffen uit een voormalige vuilstort werden toegepast. Appellanten, waaronder milieuverenigingen en omwonenden, stelden beroep in tegen dit besluit, onder meer vanwege het ontbreken van een milieu-effectrapport (m.e.r.).
Verweerders stelden dat de geluidwal geen stort van afvalstoffen was, maar een werk waarvoor geen m.e.r.-plicht geldt. De Raad van State oordeelde dat het begrip 'storten' in het Besluit milieueffectrapportage inhoudt dat afvalstoffen op of in de bodem worden gebracht om daar te blijven. Omdat de geluidwal mogelijk nooit wordt verwijderd en de afvalstoffen daarin gevaarlijk zijn, is sprake van storten. Hierdoor had een m.e.r. moeten worden opgesteld.
De Raad verklaarde enkele beroepen niet-ontvankelijk wegens het niet tijdig indienen van bedenkingen, maar verklaarde de overige beroepen gegrond. Het bestreden besluit werd vernietigd en verweerders werden veroordeeld tot betaling van proceskosten en griffierechten aan appellanten.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening wordt vernietigd wegens het ontbreken van een verplicht milieu-effectrapport.