ECLI:NL:RVS:2002:AE9175
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- J.H. Roelfsema
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bouwvergunning lichtinstallatie wegens gebrekkige motivering en ondeugdelijk welstandsadvies
Burgemeester en wethouders van Noordenveld verleenden een bouwvergunning voor het plaatsen van een lichtinstallatie op een perceel bestemd voor sportieve recreatie. Appellanten maakten bezwaar tegen dit besluit, dat door de voorzieningenrechter ongegrond werd verklaard. In hoger beroep stelde de Raad van State vast dat de burgemeester en wethouders niet hadden onderzocht of door het stellen van nadere eisen tegemoet kon worden gekomen aan de belangen van appellanten, wat in strijd is met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Daarnaast bleek het welstandsadvies waarop het besluit deels was gebaseerd ondeugdelijk, omdat de welstandscommissie niet beschikte over een tekening met de locatie van de lichtmasten en de naastliggende woningen, waardoor het advies niet als voldoende onderbouwing kon dienen. De Raad van State oordeelde dat het besluit op bezwaar niet deugdelijk was gemotiveerd en het welstandsadvies niet zonder meer aan het oordeel van burgemeester en wethouders ten grondslag had mogen liggen.
Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd, en het besluit van burgemeester en wethouders vernietigd. Burgemeester en wethouders werden opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werden zij veroordeeld tot betaling van proceskosten en vergoeding van griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot verlening van de bouwvergunning wordt vernietigd.