ECLI:NL:RVS:2002:AF4985
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- B. van Wagtendonk
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing in hoger beroep tegen bewaring wegens gebruik vervalst paspoort
Appellant werd op 11 oktober 2002 in vreemdelingenbewaring gesteld omdat hij met een kennelijk vervalst paspoort een sofi-nummer wilde aanvragen. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze bewaring ongegrond. In hoger beroep stelt appellant dat de rechtbank het proces-verbaal, waarin het vervalste paspoort is vastgesteld, niet heeft betrokken, waardoor zijn recht op een eerlijk proces is geschonden.
De Raad van State oordeelt dat het proces-verbaal een op de zaak betrekking hebbend stuk is dat de minister had moeten overleggen en de rechtbank had moeten betrekken bij haar beoordeling. Het niet overleggen en ter kennis brengen van dit stuk schendt de beginselen van equality of arms en fair trial.
Daarom wordt het hoger beroep gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbehandeling met inachtneming van de overgelegde stukken. De beslissing over proceskosten wordt gereserveerd tot de einduitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbehandeling.