ECLI:NL:RVS:2003:AF4398
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.H. Lauwaars
- M. Oosting
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Beoordeling goedkeuring partiële herziening bestemmingsplan De Borkeld
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het besluit van het college van gedeputeerde staten van Overijssel tot goedkeuring van de partiële herziening van het bestemmingsplan "De Borkeld". Zij stelden onder meer dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State niet bevoegd was om te oordelen over het geschil vanwege schending van artikel 6 EVRM Pro en dat het plan onjuist was vastgesteld.
De Afdeling oordeelde dat de bevoegdheid om te beslissen over het beroep niet in strijd is met het EVRM en dat appellanten geen gebruik hadden gemaakt van de mogelijkheid tot wraking van leden van de Afdeling. Vervolgens werd het plan inhoudelijk getoetst aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening en het geldende beleid.
De Afdeling stelde vast dat de gemeenteraad een ruime beleidsvrijheid heeft bij het bepalen van de grenzen van een partiële herziening en dat de keuzes in dit geval niet in strijd zijn met het recht of een goede ruimtelijke ordening. Ook de inhoudelijke bezwaren van appellanten over de vergroting van recreatiewoningen en afstandsnormen werden verworpen omdat deze binnen de beleidsregels en de belangenafweging van de provincie vielen.
Gelet op deze overwegingen werd het beroep ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de goedkeuring van de partiële herziening van het bestemmingsplan is ongegrond verklaard.