ECLI:NL:RVS:2003:AJ3284
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- B.J. van Ettekoven
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit onttrekking landbouwhaven Kortgene aan openbaarheid
De gemeente Noord-Beveland heeft bij besluit van 30 september 1999 besloten de landbouwhaven Kortgene aan de openbaarheid te onttrekken. Appellante, de Vereniging van woonschepen en woonarken Kortgene, stelde zich op het standpunt dat de raad hiertoe niet bevoegd was en dat haar belangen onvoldoende waren meegewogen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna zij hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het ontbreken van een hoorplicht voorafgaand aan het besluit niet tot vernietiging leidt, omdat appellante in de bezwaarprocedure is gehoord en niet is geschaad.
Verder is vastgesteld dat de landbouwhaven het karakter van openbaar water had, ook al was dit niet formeel aangewezen. De raad was bevoegd om de openbaarheid te onttrekken op grond van het stelsel van de Wegenwet en de Gemeentewet. De belangenafweging, waarbij rekening is gehouden met het vervallen van het agrarisch gebruik en de ontwikkeling van een jachthaven, is door de rechtbank terecht als zorgvuldig beoordeeld.
De bijzondere belangen van de leden van appellante als ligplaatshouders zijn niet relevant voor de vraag naar openbaarheid. Er is geen aanleiding voor nadeelcompensatie of toepassing van artikel 8:73 Awb Pro. De Raad van State bevestigt daarom het bestreden vonnis en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot onttrekking van de landbouwhaven aan de openbaarheid wordt bevestigd.