ECLI:NL:RVS:2003:AL1483
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- P.A. Offers
- J.E.M. Polak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering toestemming voor particuliere beveiligingswerkzaamheden wegens onvoldoende betrouwbaarheid
De korpschef van de Regiopolitie Brabant-Noord heeft aan het bedrijf waar appellant werkzaam is, toestemming onthouden voor het verrichten van particuliere beveiligingswerkzaamheden op grond van artikel 7, tweede lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (Wpbr). Appellant stelde in hoger beroep dat de korpschef had moeten afwijken van de standaardcriteria zoals opgenomen in de circulaire particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus.
De Raad van State overweegt dat de korpschef beoordelingsvrijheid heeft en de criteria uit de circulaire niet onredelijk zijn. Appellant is meerdere malen onherroepelijk veroordeeld tot vrijheidsstraffen voor ernstige misdrijven binnen acht jaar voorafgaand aan de toetsing, waardoor de betrouwbaarheid ontbreekt. De korpschef heeft op basis van medische rapporten, waaruit blijkt dat appellant lijdt aan een borderlinesyndroom met risico op impulsdoorbraken, terecht geen uitzondering heeft gemaakt.
Ook het feit dat een andere korpschef eerder toestemming verleende, doet niet af aan de eigen beoordelingsbevoegdheid van de korpschef in deze zaak. Het beroep op het vertrouwens- en gelijkheidsbeginsel faalt. De Raad van State verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank dat de toestemming terecht is onthouden.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van toestemming voor particuliere beveiligingswerkzaamheden wegens onvoldoende betrouwbaarheid van appellant.