ECLI:NL:RVS:2004:AO4361
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- K. Brink
- Ch.W. Mouton
- H. Borstlap
- Rechtspraak.nl
Intrekking revisievergunning na explosie in inrichting voor opslag organische restproducten
Bij besluit van 20 mei 2003 heeft de provincie Gelderland de revisievergunning van appellante voor een inrichting aan een locatie te een plaats ingetrokken op grond van artikel 8.25 van de Wet milieubeheer. Deze intrekking volgde na een explosie op 4 juli 2002 in twee silo’s met vetresiduen, waarbij twee mensen om het leven kwamen. Uit onderzoek bleek dat ophoping van gassen en onderhoudswerkzaamheden de oorzaak waren.
Verweerder stelde dat de inrichting zonder aanvullende beheersmaatregelen onveilige situaties veroorzaakt die niet door artikel 8.23 kunnen worden opgelost, en dat de ernst van de calamiteit en overtredingen van de milieuvergunning intrekking rechtvaardigen. Appellante voerde aan dat er geen sprake was van ontoelaatbare milieugevolgen en dat intrekking niet proportioneel was.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat verweerder binnen zijn beoordelingsvrijheid heeft gehandeld en dat de kans op herhaling van de calamiteit ontoelaatbare nadelige milieugevolgen oplevert. Ook is geoordeeld dat artikel 8.23 geen redelijke oplossing biedt omdat de voorgestelde maatregelen een wezenlijke wijziging van de inrichting betekenen. Het belang van het milieu en derden weegt zwaarder dan het bedrijfseconomisch belang van appellante. Het beroep is ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de revisievergunning wordt ongegrond verklaard.