ECLI:NL:RVS:2004:AO6077
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.M. van Angeren
- H.G. Lubberdink
- J.E.M. Polak
- Rechtspraak.nl
Vervangingsvergunning woonboot Weesperzijde bevestigd ondanks bezwaar belangenvereniging
Het dagelijks bestuur van stadsdeel Oost/Watergraafsmeer verleende op 18 maart 2002 een vergunning aan appellant voor het vervangen van zijn woonboot aan de Weesperzijde te Amsterdam. De belangenvereniging Weesperzijdestrook maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat door het bestuur ongegrond werd verklaard. De rechtbank Amsterdam vernietigde vervolgens deze beslissing en verklaarde het beroep van de belangenvereniging gegrond.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het bezwaar van de belangenvereniging terecht ontvankelijk was, ondanks dat het na de wettelijke termijn was ingediend, omdat de vereniging pas op 25 juni 2002 van het besluit op de hoogte was geraakt. Verder stelde de Afdeling vast dat het dagelijks bestuur niet had voldaan aan de verplichting om nadere regels te stellen over afmetingen van woonboten, maar dat het bestuur de Nota gebruik openbaar water als beleidsuitgangspunt mocht hanteren.
De Afdeling vond dat het bestuur in redelijkheid meer gewicht mocht toekennen aan het belang van appellant dan aan dat van de belangenvereniging, gelet op de geringe overschrijding van de maximale lengte en de omstandigheden van vergunningverlening. Andere bezwaren van de vereniging, zoals het ontbreken van bouwtekeningen en de hoogte van de woonboot, werden verworpen. De Afdeling vernietigde het vonnis van de rechtbank voor zover het in het voordeel van de belangenvereniging was en verklaarde het beroep van de vereniging ongegrond. Het griffierecht van appellant werd terugbetaald.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en het beroep van de belangenvereniging ongegrond, waardoor de vergunning voor vervanging van de woonboot wordt bevestigd.