ECLI:NL:RVS:2004:AO6085
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit beëindiging permanente bewoning recreatieverblijf te Lochem
Het college van burgemeester en wethouders van Lochem heeft appellant gelast om binnen drie maanden de permanente bewoning van zijn recreatieverblijf te staken, onder dreiging van een dwangsom. Appellant voerde onder meer aan dat zijn woning als recreatiewoning kwalificeert en dat het handhavingsbeleid onjuist is toegepast.
De rechtbank Zutphen verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het beroep behandeld en geconcludeerd dat de woning uitsluitend voor recreatieve doeleinden mag worden gebruikt en permanente bewoning niet is toegestaan volgens het bestemmingsplan “Buitengebied 1991”.
De Afdeling oordeelt dat het college bevoegd is het handhavingsbesluit te nemen, dat de vrijstellingsmogelijkheid uit het bestemmingsplan niet van toepassing is en dat het handhavingsbeleid op juiste wijze is bekendgemaakt. Verder is geen sprake van bijzondere omstandigheden die afzien van handhaving rechtvaardigen.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd, zonder toekenning van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.