ECLI:NL:RVS:2004:AP0336
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bouwvergunning voor agrarisch perceel wegens strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Venhuizen verleende bouwvergunningen voor de bouw van een dubbelkappige zadeldakhal en een kapschuur op een perceel met agrarische bestemming. Appellanten maakten bezwaar tegen deze vergunningen, stellende dat het beoogde gebruik, met name het houden van pensionpaarden, niet past binnen de agrarische bestemming.
De rechtbank Alkmaar verklaarde het beroep ongegrond, maar de Raad van State oordeelde dat enkele appellanten niet als belanghebbenden konden worden aangemerkt vanwege hun afstand tot de bouwlocatie. Verder overwoog de Raad dat het college onvoldoende concrete en objectieve gegevens had geleverd om aan te tonen dat het gebruik van de gebouwen in overeenstemming was met de agrarische bestemming. Het advies van de WLTO toonde aan dat een groot deel van de inkomsten uit pensionpaarden zou komen, wat als dienstverlening wordt aangemerkt en niet als agrarisch gebruik.
De Raad van State vernietigde daarom het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond en beval het college een nieuwe beslissing te nemen. Tevens werd het college veroordeeld tot betaling van proceskosten en griffierechten aan appellanten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het besluit en de uitspraak worden vernietigd, en het college dient een nieuwe beslissing te nemen.