ECLI:NL:RVS:2004:AR3792
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Kosto
- R.H. Lauwaars
- J.G.C. Wiebenga
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke vernietiging goedkeuring bestemmingsplan Duinwijk wegens strijdigheid met rechtszekerheidsbeginsel en WRO
De gemeenteraad van Velsen stelde op 19 juni 2003 het bestemmingsplan 'Duinwijk' vast, dat onder meer een (dubbel)bestemming 'Waterkering' en een bestemming 'Maatschappelijke doeleinden' bevatte. Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland keurde dit plan op 13 januari 2004 goed. De Stichting Woningbedrijf Velsen en andere appellanten stelden beroep in tegen deze goedkeuring.
De Stichting Woningbedrijf voerde aan dat de vergroting van de zone met de bestemming 'Waterkering' onterecht was en dat artikel 24 van Pro de planvoorschriften onvoldoende duidelijkheid bood over bouwmogelijkheden en onrechtmatige advies- en vergunningplicht bevatte. De Afdeling oordeelde dat de vergroting van de waterkeringszone redelijk was en in overeenstemming met waterstaatkundige belangen, maar dat de bepalingen in artikel 24, tweede en vijfde tot en met achtste lid, in strijd waren met het rechtszekerheidsbeginsel en artikel 14 van Pro de Wet op de Ruimtelijke Ordening.
De overige appellanten betwistten de bestemming 'Maatschappelijke doeleinden' voor gronden tussen bepaalde percelen, stellende dat het gemeentebestuur vooringenomen was en dat de bouwmogelijkheden te ruim waren. De Afdeling vond geen aanwijzingen voor vooringenomenheid en oordeelde dat de bestemming passend was, mede gezien de behoefte aan een logeervoorziening voor verstandelijk gehandicapten en het ontbreken van ernstige bezwaren.
De Afdeling verklaarde het beroep van de Stichting Woningbedrijf gedeeltelijk gegrond en vernietigde het besluit voor zover het de goedkeuring van de genoemde leden van artikel 24 betrof Pro. Het beroep van de overige appellanten werd ongegrond verklaard. Tevens werden proceskosten aan de Stichting Woningbedrijf toegekend.
Uitkomst: Het besluit tot goedkeuring van artikel 24, tweede en vijfde tot en met achtste lid, van de planvoorschriften wordt vernietigd en goedkeuring daaraan onthouden; overige beroepen worden afgewezen.