ECLI:NL:RVS:2004:AR6749
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- D.A.C. Slump
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen dwangsombesluit gebruik bergingen als woonruimte
Het college van burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe legde verzoekster een dwangsombesluit op om het gebruik van twee bergingen als woonruimte te beëindigen en de aanwezige voorzieningen te verwijderen. Verzoekster maakte bezwaar en stelde beroep in tegen dit besluit.
De voorzieningenrechter schortte het dwangsombesluit bij wijze van voorlopige voorziening totdat op het beroep zou zijn beslist. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en verlengde de voorlopige voorziening met zes maanden. Verzoekster vroeg vervolgens de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om een voorlopige voorziening te treffen.
De Voorzitter oordeelde dat er feitelijke onduidelijkheden bestaan over de toelaatbaarheid van het gebruik van de bergingen volgens het bestemmingsplan en overgangsrecht. Gezien het grote belang van verzoekster, de verlenging van de begunstigingstermijn door het college en de aanstaande bodemprocedure, werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen. Het dwangsombesluit werd geschorst en het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
De uitspraak is een voorlopige maatregel en bindt niet in de bodemprocedure, die op 3 januari 2005 zal worden behandeld.
Uitkomst: Het dwangsombesluit wordt geschorst en het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.