Uitspraak
200204724/1, het daartegen door appellant ingestelde hoger beroep gegrond verklaard en de besluiten van 20 november 2001 en 1 mei 2002 vernietigd.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Beesel heeft appellant gelast om de aluminium kozijnen in zijn woning te vervangen door merantihouten kozijnen, onder dreiging van een dwangsom. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit en voerde onder meer aan dat het gebruik van aluminium kozijnen gelegaliseerd kon worden en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden.
De rechtbank Roermond verklaarde het beroep van appellant ongegrond. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De welstandscommissie had negatief geadviseerd over het gebruik van aluminium kozijnen vanwege verstoring van de architectonische eenheid in de wijk. Er was geen sprake van gebreken in het advies of een deskundig tegenadvies van appellant.
De Raad oordeelt dat het college bevoegd was om handhavend op te treden op grond van de Woningwet en dat het niet aannemelijk is dat het handhavend optreden onevenredig is. Het beroep van appellant faalt en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.