ECLI:NL:RVS:2005:AT0502
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G. Drupsteen
- Ch.W. Mouton
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit last onder dwangsom inzake composteerinrichting wegens onvoldoende motivering
De zaak betreft een besluit van 11 september 2003 waarbij het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland aan Wagro B.V. lasten onder dwangsom oplegde met betrekking tot haar composteerinrichting en het verwijderen van afvalstoffen. Wagro B.V. stelde dat het materiaal dat zij produceert, zwarte grond, een beoogd product is en geen afvalstof, en betwistte de bevoegdheid van het college om de lasten op te leggen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het productieproces van Wagro B.V. inderdaad gericht is op het produceren van een beoogd product met een afzetmarkt. Het college had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat sprake was van een niet-voltooid bewerkingsproces of dat het materiaal niet voldeed aan de wettelijke kwaliteitseisen. Ook was de motivering van het besluit onvoldoende en was niet voldaan aan de vereisten van zorgvuldigheid en kennisvergaring.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd. Het college werd opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan Wagro B.V.
Uitkomst: Het beroep van Wagro B.V. wordt gegrond verklaard en het besluit van het college van gedeputeerde staten wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.