ECLI:NL:RVS:2005:AT0531
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- T.M.A. Claessens
- M.Z.C. Koutstaal
- Rechtspraak.nl
Weigering verklaring van geen bezwaar op grond van veiligheidsrisico door geweldsdelict
Appellant, de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, weigerde op 4 november 2003 aan verzoeker een verklaring van geen bezwaar te verlenen op grond van een veiligheidsonderzoek. Dit besluit werd bevestigd bij bezwaar, maar de rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van verzoeker gegrond en vernietigde het besluit, omdat appellant onvoldoende individuele omstandigheden had betrokken bij de beoordeling.
De Raad van State oordeelt dat appellant terecht heeft geweigerd de verklaring te verlenen, omdat verzoeker op 17-jarige leeftijd een poging tot afpersing met geweld pleegde, waarvoor hij een taakstraf kreeg. Dit geweldsdelict wordt niet als jeugdzonde aangemerkt, mede vanwege de aard van het delict, de zwaarte van de straf en het veiligheidsrisico dat verzoeker vormt.
De Raad stelt vast dat de minister in redelijkheid heeft kunnen besluiten het gegeven niet als jeugdzonde te kwalificeren en dat het veiligheidsbelang prevaleert boven het belang van verzoeker. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van verzoeker ongegrond verklaard. Verzoeken tot voorlopige voorziening worden afgewezen en er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de verklaring van geen bezwaar wegens het veiligheidsrisico door het gepleegde geweldsdelict.