ECLI:NL:RVS:2005:AT3336
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- B. van Wagtendonk
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen uitspraak vreemdelingenbewaring en schadevergoeding afgewezen
In deze bestuursrechtelijke zaak gaat het om het hoger beroep van de minister tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage over de vreemdelingenbewaring van A, B en C. De vreemdelingen waren op 21 oktober 2003 in bewaring gesteld, waarna zij bezwaar maakten tegen de wijze van tenuitvoerlegging.
De rechtbank verklaarde hun beroepen gegrond en kende schadevergoeding toe. De minister stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In een eerdere uitspraak van 19 februari 2004 had de Afdeling de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen omdat de rechtbank buiten de grenzen van het geschil was getreden door een nieuwe beroepsgrond te betrekken.
Bij de nieuwe uitspraak van 7 december 2004 nam de rechtbank alsnog die nieuwe beroepsgrond in behandeling. De Raad van State oordeelt dat dit onrechtmatig is omdat het geding beperkt is tot de oorspronkelijk aangevoerde beroepsgronden. De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart de beroepen van de vreemdelingen ongegrond. Tevens wijst zij de verzoeken om schadevergoeding af.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door mr. M. Vlasblom, voorzitter, en mr. B. van Wagtendonk en mr. T.M.A. Claessens, leden, op 23 maart 2005.
Uitkomst: De beroepen van de vreemdelingen worden ongegrond verklaard en de verzoeken om schadevergoeding worden afgewezen.