Uitspraak
200302189/1, het besluit van verweerder van 18 februari 2003 deels vernietigd.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort stelde op 19 november 2002 het uitwerkingsplan Randboulevard Vathorst vast. Het college van gedeputeerde staten van Utrecht keurde dit plan goed, waarbij een deel van het tracé van de Randboulevard werd verschoven ten opzichte van het oorspronkelijke bestemmingsplan. Appellant maakte bezwaar tegen deze goedkeuring en stelde dat de verschuiving niet verkeerstechnisch verantwoord was en dat de geluidbelasting op zijn woning de wettelijke norm zou overschrijden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het beroep behandeld en overwogen dat de verschuiving van het tracé redelijkerwijs kon worden gerechtvaardigd vanuit verkeerstechnisch oogpunt en dat het akoestisch onderzoek voldoende betrouwbaar was. De geluidbelasting op de woning van appellant bedroeg volgens het onderzoek 48 dB(A), onder de norm van 50 dB(A), waardoor geen aanvullende maatregelen nodig waren.
De Raad van State concludeerde dat het bestreden besluit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en niet onrechtmatig is genomen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het besluit tot goedkeuring van het uitwerkingsplan Randboulevard Vathorst bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de goedkeuring van het uitwerkingsplan Randboulevard Vathorst wordt ongegrond verklaard.