ECLI:NL:RVS:2005:AT5118
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Weigering vrijstelling bestemmingsplan voor autocosmetische activiteiten en handel motorvoertuigen
Het college van burgemeester en wethouders van Olst-Wijhe weigerde vrijstelling van het bestemmingsplan voor het gebruik van een perceel ten behoeve van autocosmetische activiteiten, handel in motorvoertuigen en een uitlaat- en bandenservice. Appellant stelde beroep in tegen deze weigering, dat door de rechtbank Zwolle-Lelystad ongegrond werd verklaard. In hoger beroep bij de Raad van State werd betoogd dat het college niet had aangetoond dat de verkeers- en parkeeroverlast door het bedrijf van appellant werd veroorzaakt.
De Raad van State oordeelde dat er sprake was van parkeer- en verkeersoverlast in de directe omgeving en dat de rechtbank terecht had overwogen dat detailhandel in motorvoertuigen doorgaans meer verkeersbewegingen veroorzaakt. Diverse rapportages en klachten maakten aannemelijk dat het bedrijf van appellant mede oorzaak was van de overlast. Daarnaast werd het bezwaar van appellant dat het college in de bezwaarprocedure andere motieven hanteerde dan in het primaire besluit verworpen, omdat een volledige heroverweging in bezwaar is toegestaan.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van het college om vrijstelling te verlenen en verklaart het hoger beroep ongegrond.