ECLI:NL:RVS:2005:AT9239
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- J.G.C. Wiebenga
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen vaststelling hogere geluidwaarden spoorweg
Het college van burgemeester en wethouders van Westvoorne stelde beroep in tegen het besluit van de provincie Zuid-Holland om hogere waarden voor de geluidbelasting vanwege een spoorweg vast te stellen voor woningen aan de Krimweg te Oostvoorne. Het bezwaar van het college was door de provincie niet-ontvankelijk verklaard omdat het college niet als belanghebbende werd aangemerkt.
De Raad voor de Rechtspraak oordeelde dat het college geen rechtstreeks belang had bij het besluit, ondanks haar taken op het gebied van volksgezondheid en milieu. De gemeenteraad heeft wel bevoegdheden op het gebied van geluidwering, maar deze taken zijn niet toevertrouwd aan het college van burgemeester en wethouders. Het college kon daarom niet als belanghebbende worden beschouwd in de zin van de Algemene wet bestuursrecht.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde daarmee de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan op 13 juli 2005 door de voorzitter en leden van de Afdeling bestuursrechtspraak.
Uitkomst: Het beroep van het college van burgemeester en wethouders van Westvoorne is ongegrond verklaard wegens gebrek aan belanghebbende status.