ECLI:NL:RVS:2005:AU1812
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- M.H. Broodman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onbevoegdheid rechtbank inzake aanwijzing procureur door deken
Appellant verzocht de deken van de Orde van Advocaten in Amsterdam om een procureur aan te wijzen, maar dit verzoek werd afgewezen. Tegen deze afwijzing deed appellant beklag bij het Hof van Discipline, dat het beklag ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde appellant beroep in bij de rechtbank Rotterdam, die zich onbevoegd verklaarde om het beroep te behandelen.
De Raad van State overwoog dat het Hof van Discipline een onafhankelijk bij wet ingesteld orgaan is dat met rechtspraak is belast en niet als bestuursorgaan wordt aangemerkt. Hierdoor is hoofdstuk 8 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet van toepassing en kan de rechtbank niet inhoudelijk oordelen over het beroep tegen de beslissing van de deken.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep van appellant kennelijk ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de onbevoegdheid van de rechtbank om het beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot aanwijzing van een procureur te behandelen.