ECLI:NL:RVS:2005:AU2164
Raad van State
- Hoger beroep
- E.M.H. Hirsch Ballin
- J.A.M. van Angeren
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving bouwstop fok- en vleesvarkensstal zonder vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Noordoostpolder heeft appellant gelast de bouw van een fok- en vleesvarkensstal zonder vergunning met onmiddellijke ingang te staken, onder oplegging van een dwangsom. Appellant stelde bezwaar en beroep in tegen deze last, waarbij onder meer werd betoogd dat er zicht was op legalisatie en dat handhaving onevenredig was.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State. Deze oordeelde dat het college terecht gebruik heeft gemaakt van haar bevoegdheid op grond van de Woningwet en de Algemene wet bestuursrecht om de bouwstop op te leggen. De mogelijkheid tot legalisatie was niet relevant voor de last tot stillegging, die bedoeld is om het bestuur de gelegenheid te geven de situatie te beoordelen.
Verder werd geoordeeld dat de belangen van appellant, zoals het verlopen van een milieuvergunning, voor zijn eigen risico komen en dat het opnemen van een begunstigingstermijn in de beslissing op bezwaar niet in strijd is met de wet. De Raad van State bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bouwstop wordt gehandhaafd.