Uitspraak
200302489/1, heeft geoordeeld, in welke zaak het op 29 augustus 2000 ingediende bouwplan aan de orde was, is de uitbreiding van de woning in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Oude Kern" omdat die niet in overeenstemming is met het ingevolge dat bestemmingsplan geldende bebouwingsprofiel 1B. Er bestaat geen aanleiding op dit oordeel terug te komen. Om medewerking aan het bouwplan te verlenen is derhalve vrijstelling als bedoeld in artikel 19 van Pro de Wet op de Ruimtelijke Ordening vereist. Gelet op artikel 46, derde lid, van de Woningwet, zoals dat gold ten tijde van belang, kan daarom geen sprake zijn van een van rechtswege verleende bouwvergunning als bedoeld in het vierde lid van dat artikel. De omstandigheid dat voor het oprichten van de bestaande woning, die eveneens niet aan het bebouwingsprofiel voldoet, in 1988 bouwvergunning met toepassing van de in artikel 24, eerste lid, aanhef en onder b, van de planvoorschriften opgenomen vrijstellingsbevoegdheid is verleend, doet daar niet aan af. Bovendien zag die vrijstelling op een afwijking van de bebouwingsgrenzen.