ECLI:NL:RVS:2005:AU7990
Raad van State
- Hoger beroep
- F.P. Zwart
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- Ch.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep burgemeester tegen intrekking exploitatievergunning escortbedrijf
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag trok op 26 augustus 2003 de exploitatievergunning voor het escortbedrijf van wederpartij in. Wederpartij maakte bezwaar, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van wederpartij tegen het bezwaar gegrond en vernietigde het besluit van het college, met de opdracht een nieuw besluit te nemen.
De burgemeester stelde vervolgens hoger beroep in tegen deze uitspraak, maar uit de stukken bleek dat het hoger beroep uitsluitend door de burgemeester was ingesteld en niet namens het college. De Raad van State overwoog dat het college als bevoegd bestuursorgaan geldt voor de vergunningverlening en intrekking, niet de burgemeester persoonlijk.
De Afdeling bestuursrechtspraak concludeerde dat de burgemeester niet bevoegd was om hoger beroep in te stellen tegen de uitspraak van de rechtbank, waardoor het hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de burgemeester is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan bevoegdheid.