ECLI:NL:RVS:2005:AU8749
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- B. Klein Nulent
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit verwijderen illegale galerij en aanpassen dakvorm
Het college van burgemeester en wethouders van Bergen legde appellant een last onder dwangsom op om binnen acht weken de dakvorm van zijn perceel in overeenstemming te brengen met de bouwvergunning van 19 mei 2000 en een zonder vergunning aangebrachte galerij te verwijderen. De dwangsom bedroeg €150 per dag met een maximum van €30.000.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het college werd afgewezen. De rechtbank Roermond verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State. Tijdens de zitting op 21 november 2005 verschenen beide partijen.
De Raad van State oordeelde dat het college bevoegd was tot handhavend optreden op grond van artikel 40 van Pro de Woningwet en dat geen bijzondere omstandigheden bestonden om hiervan af te zien. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen omdat de situaties niet vergelijkbaar waren. Ook het argument dat de bouwtekening technisch niet uitvoerbaar zou zijn, faalde omdat de uitvoering voor risico van appellant kwam.
Verder was de hoogte van de dwangsom niet buitenproportioneel, omdat deze een financiële prikkel moest vormen om illegaal gedrag te voorkomen. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit met dwangsom wordt bevestigd.